Het paradijsje Sal

Kaapverdië is dé ideale plek als je in de wintermaanden de warmte wilt opzoeken. Ik besloot voor Kaapverdië te kiezen, omdat ik de Canarische Eilanden al heel vaak bezocht had en ik Curaçao net iets te duur vond. Het is een heerlijk eiland als je alleen maar wilt ontspannen óf voor de echte avonturiers die alle 10 de eilanden willen bezoeken. Ik besloot op te laden en voor een relax vakantie te gaan, maar het eiland Sal heeft me wel nieuwsgierig gemaakt wat er op de andere eilanden te zien is.

Vanuit ons kleine bungalow liepen wij zo het zandstrand op. Met een kleine tussenstop voor onze eerste cocktail bij bar Praia genoten wij van een mooie zonsondergang. ’s Avonds besloten we gelijk de stad Santa Maria te ontdekken. Een heel klein stadje met een aantal restaurants en barretjes. We besloten gelijk op de Afrikaanse tour te gaan en typisch Afrikaans te eten. Het werd kip met rijst wat prima smaakte en sloten de avond af met een drankje bij één van de barretjes.

[one_half][/one_half]

[one_half_last][/one_half_last]

Eilandtour
Een aanrader als je op Sal verblijft is het maken van een eilandtour. Wij besloten mee te gaan met een georganiseerde tour. We brachten als eerste een bezoek aan de sloppenwijken van Kaapverdië. Ik schrok heel erg wat ik aantrof. Huisjes die bijna in elkaar storten, kinderen die zich vervelen en grote vlaktes zand, waardoor het dus uren duurt voordat de mensen daar vers drinkwater gehaald hebben. Je kunt het heel erg vergelijken met bepaalde armen streken in Afrika. Je hart verscheurd als de kinderen naar je toegerend komen om te bedelen en je eigenlijk niks hebt waar ze echt gelukkig van worden. Ik was daarom blij dat we hier niet al te lang bleven en doorreden, via de hoofdstad Espargos, naar de stad Palmeira.

[one_half][/one_half]

[one_half_last][/one_half_last]

Koop in Palmeira zeker een souvenir voor thuis. Op elke hoek van de straat vind je wel leuke souvenirwinkels. Allemaal met dezelfde spulletjes. De mensen hier hebben weinig te besteden en een klein souvenir kopen is een mooi gebaar. Palmeira is ook de plaats waar vissers tegen het middaguur terug komen met hun vangst. De grootste vissen komen uit de vissersboten en ik stond versteld van de vangsten die ze doen. Ik had het de dag ervoor al aan het strand van Santa Maria gezien en kon bijna niet geloven dat deze vissen zo dicht bij de kust te vinden zijn.

[full_width][/full_width]

Buracona
Het plaatsje Buracona is één van de plekjes waar ik naar uit keek tijdens onze eilandtour. Hier vind je het beroemde blauwe oog van Kaapverdië. Het blauwe oog is eigenlijk een gat in een rots waar water onder zit. Als de zon goed schijnt, krijg je er blauw helder water voor terug. Daarnaast kun je hier even afkoelen door een duik te nemen in de zee. Dit moet je echter niet doen in Shark Bay. De naam zegt het al hier vind je lemon sharks. Als je de zee een paar meter in loopt kun je de haaien van dichtbij zien. Wees niet bang, want het schijnt dat deze haaien niet houden van mensenvlees, maar ga wel met professionele begeleiding het water in.

[full_width][/full_width]

De Dode Zee van Sal
Pedra Luma is de Dode Zee van Sal. De naam van het eiland zegt het al. Sal betekent zout en op Sal vind je dan ook een grote zoutvlakte. Als je altijd al eens op zout water wilde drijven hoef je niet per se naar de Dode Zee. Je kunt dit gewoon doen bij de oude zoutmijnen van Pedra Luma. Ook kun je jezelf insmeren met de modder die op de bodem van het meer ligt voor een jonge, strakke huid.

[full_width][/full_width]

De onderwaterwereld
Snorkelen of duiken is altijd een aanrader. De wereld onder water is namelijk heel indrukwekkend. Op Sal besloten wij twee dagdelen te gaan snorkelen. Het eerste met een georganiseerde tour. Tijdens de tour ontmoette wij twee gezellige Letten. ’s Avonds besloten we gelijk met zijn vieren de dag af te sluiten met een lekker drankje in de stad.

We werden door onze gids opgehaald en mochten achterin de jeep zitten. Super gaaf om achter in zo’n jeep over het eiland te scheuren. Toen wij bij de baai aankwamen trokken wij onze snorkeloutfit aan en gingen het water in. Onze gids vertelde ons dat dit de mooiste plek was om te snorkelen, maar wij vonden het behoorlijk tegen vallen. Er waren niet veel vissen te bekennen en zeker geen mooie, fel gekleurde die je altijd op foto’s ziet. Dit snorkelavontuur viel dus een beetje tegen.

Wij besloten samen met de Letten om de volgende dag gewoon bij het hotel te gaan snorkelen. Wij huurden een outfit en zwommen diep de zee in waar ook het bekende Jezus beeld te vinden is. Deze vind je op de bodem van de zee en dit was erg indrukwekkend om te zien. Het is moeilijk om uit te leggen waar je dit beeld kunt vinden, maar volg de boten die je ziet, want zij gaan allemaal naar het Jezus beeld toe. Dit keer zagen wij ook veel mooiere vissen, waardoor wij het eerste snorkelavontuur snel vergaten.

[one_half][/one_half]

[one_half_last][/one_half_last]

Een paar tips…
Na een paar uitstapjes gedaan te hebben, besloten wij nog één keer het eiland rond te gaan. Het eiland is namelijk niet groter dan Texel, dus dit kun je makkelijk in een ochtendje doen. We huurde een scooter en gingen langs de plekjes die we nog niet gezien hadden. Zo zagen wij kleine schildpadden zwemmen en namen wij nog even een duik in de zee. Op de terugweg begon onze scooter opeens te schokken. Je raad het misschien al, we kwamen zonder benzine te zitten. Onze meter gaf aan dat hij nog half vol was, maar helaas was dit niet zo. Rijd voor je weggaat daarom altijd even langs een benzinestation, zodat je met een volle tank het eiland kan ontdekken.

Wij strandde op 5 km afstand van Santa Maria. Lopen in de brandende zon was te zwaar en gelukkig kwam er een aardige man langs die benzine voor ons haalde. We konden na een klein uurtje gelukkig weer onze weg vervolgen naar Santa Maria. Op het moment zelf baalde we ontzettend, maar ’s avonds konden we er om lachen. Dit soort dingen gebeuren namelijk alleen als je op vakantie bent.

[full_width][/full_width]

Eenmaal aangekomen in het hotel en ons opgefrist te hebben gingen we naar een strandfeestje. De avonden ervoor hadden we de enige discotheek, Calema en Pirata, bezocht, wat geen aanrader is. Zeker niet als je blond bent, want we waren de hele avond omringd door Afrikanen en er waren zowat geen toeristen in de club te vinden.

We dineerden daarom de laatste avond bij een strandtent waar we letterlijk met de voetjes in het zand zaten. Het eten was verrukkelijk en twee tenten verderop was net een strandfeestje begonnen. Leuke muziek, veel toeristen, waardoor we onze laatste avond goed afsloten.

Ik bezocht alleen het eiland Sal, maar er zijn natuurlijk nog 9 andere eilanden die allemaal iets anders te bieden hebben. Op Brava vind je het zwarte strand, Fogo is het vulkaaneiland en er wordt gezegd dat Santo Antão het groenste een mooiste eiland is. Genoeg mogelijkheden voor elke type reiziger.

 

Advertenties